
Torres del paine is een groot natuurpark/reservaat wat vooral bekend staat om wille van zijn drie toppen die je hier langs achter kan zien. het park bevat echter tal van moois: gletjsers, bergtoppen, condors. het park bevat een wandelroute die je, al naar gelang de tijd, door heel het park brengt. de meest gedane route is de "W" , naar de vorm van de letter. wij zullen echter een brede "U" en dus de middelste tak overslaan.
In het totaal zullen we vijf dagen in het park verblijven en dus ook vijf dagen wandelen. voor onze ongetrainde lijven is dat zwaar, maar we deinzen voor niks terug, zeker niet voor een paar bergskes.
in puerto natales (een dorpje wat als uitvalsbasis gebruikt wordt) hebben we een rugzak achter gelaten en het hoogst noodzakelijke samengestopt in de andere. naarmate de tocht merkt zullen we merken dat er verschillende interpretaties zijn van noodzakelijk, maar soit we trekken dus met een rugzak van een achttal kilo, met kleren en wat droge koekskes, kaas, potjes confituur van het vliegtuig, een dikke lat chocolat (Sahne-nuss) en water het park in.
de eerste dag is er een "om er in te komen". de tocht van twee en een half uur start gemoedelijk over een halfuurtje vlak, met twee andere belgen. bij de eerste helling blijkt als snel dat ze toch meer getraind zijn dan ons en we nemen ons eigen tempo aan. anderhalf uur klimmen valt toch tegen. katleen vloekt dan ook letterlijk op de bergen: bij elke stap lijkt ze berg een stukje kleiner te stampen. voor zij die K kennen is dat niet ongewoon :)
ook ik zie af: dit kunnen we geen vijf dagen volhouden. we sleuren onszelf en de rugzak naar boven. aan de heuvelrug (merk op dat dit nog geen berg is!) na anderhalf uur, gaat het eindelijk terug neerwaards, het dal in naar onze eerste herberg "el chileno". heel blij dat we er zijn gooien we onze rugzak af. het feit dat we er op een kleine twee uurtjes zijn (een half uurtje sneller dan aangegeven) geeft ons terug moed. en ´s avonds blijkt ook uit gesprekken met anderen dat we geopteerd hebben om te beginnen met een BANG! door deze route als eerste te kiezen. we gaan dus gerustgesteld slapen.
overmoedig als we zijn besluiten we de tweede dag off the beaten track te gaan. we willen de torres langs de achterkant gaan bekijken, ten eerste omdat we die dag toch genoeg tijd hebben en omdat de route langs de voorkant echt heel druk is: iedereen loopt op en af de berg om toch maar de trots van het park gezien te hebben. Wij nemen dan maar de bergbeklimmers route via campamiento japones, wat een basiscamp is en waar enkel een gammele hut te zien is (K kan haar cola wel vergeten :)). we gaan verder door. het staat niet meer op het plannetje, maar de weg is wel aangegeven. na een half uur weten we ook waarom: de route is ongelooflijk steil. eerst door een bos en daarna een bedding van stenen. na een uurtje klimmen hebben we de grens bereikt van de vegetatie en begint de eeuwige sneeuw. Vermist we niet uitgerust zijn voor dit zwaardere werk en omdat het ook gevaarlijker wordt owv van de sterke winden en smalle paadjes (dixit ons boekske en eigenlijk ook wel de guarderia de parques "no esta para turistas"), rusten we even uit en keren we terug naar het campamiento japones. daar vullen we onze flessen water terug bij uit de rivier, want dit park is blijkbaar een van de weinigen in de wereld waar je zomaar het water kan drinken. we zullen dit dan ook vijf dagen doen, wat ons een extra voordeel oplevert, namelijk dat je niet met water moet sleuren. elk kwartier komt er wel een stroompje water van de berg gevloeid.
maar omdat we nog steeds de torres niet van dichtbij gezien hebben, besluiten we op de terugweg toch langs de voorkant te gaan. het is nog tamelijk druk, vooral bergafwaards wanneer we naar boven stappen. het is een helse klim, te meer omdat we al een uur of vijf gewandeld hebben. iedereen spurt, klimt, stapt en kruipt ons voorbij, maar het stoort ons niet. K vloekt en tiert en uiteindelijk geraken we boven, alwaar we de torres kunnen zien ... IN DE MIST. verdekke toch! alles is wit hierboven en het waait geweldig. we zouden hier een foto kunnen plakken, maar ik kan evengoed wat whitespace laten, wat dat is alles wat we zagen: wit.
wanneer we dan na meer dan tien uur stappen terug in onze herberg aankomen, zijn de torres volledig uit de mist gekropen: het weer verandert hier per uur. we zijn intussen uiterst vermoeid, maar een glaasje rode chileense wijn in de warme berghut doet wonderen. morgen wordt het een rustig tussenstuk naar de laatste klim...
... dat dachten we tenminste voor die derde dag. het begint mooi en gemoedelijk: bergje op, bergje af, vogeltje kijken, effe eten, een beetje wind, nog wind, nog wind, wat steiler en nog meer wind en wind en wind en wind en wind... dit wordt een van de moeilijkste dagen van de hele trip blijkt achteraf. het laatste stuk van wat normaal een gemoedelijke trip van zes en half uur zou moeten zijn blijkt een hel: het gaat redelijk steil omhoog en de wind waait zeer hard. een keer moeten we elkaar vasthouden om niet omver te waaien (schoon he :)). maar we zetten door en denken maar dat iedereen dit meemaakt alle dagen. aan de top van de berg gekomen, komt er een bocht naar rechts en ik hoor de wind alweer fluiten. ik draai me om roep tegen K dat er waarschijnlijk veel wind staat achter deze bocht. ze antwoordt "zolang het maar niet regent" en terwijl mijn wenkbrauwen frons en nadenk over deze zinsnede, draai ik de bocht om. de wind waait vlak in mijn gezicht en ik kan niet meer vooruit. ik zet me schrap om niet van het pad te waaien (links van me is een niet zo vriendelijke afgrond), en het wordt een krachtmeting tussen mens en natuur. eerst buig ik mijn hoofd en maak ik me kleiner om minder wind te vangen. dan zet ik me nog meer schrap, maar uiteindelijk verlies ik de strijd: ik vlieg recht achteruit en land rugwaards op mijn rugzak. de wind rolt nog even zijn spierballen en doet me nog een slag verder naar achter waaien, waar ik gelukkig tegen K bots en ze me zo kan tegenhouden...
nie voor mieten zenne hier! :)
als duidelijk is wie gewonnen is, kreffelen we recht en haasten we ons de hoek om. uiteindelijk zullen we na zeven en half uur op bestemming geraken (abergue los cuernos), in plaats van de geplande zes uren. de albergue zelf kraakt langs alle kanten, en de plexiglas ramen buigen naar binnen bij elke windstook. bij navraag blijkt dat de wind die dag zeker niet gewoon is, maar wel mogelijk deze tijd van het jaar. binnen is het heel druk: zelfs de mensen van de camping kruipen binnen uit schrik dan hun tent gaat waaien. wij daarentegen trekken ons terug in ons hutje, maar eerst heeft K nog een kadootje voor me. aan het meer met een prachtig uitzicht krijg ik iets wat ik al heel lang wou (laat de speculaties maar komen) en na drie uitzonderlijk lange dagen vallen we uitgeput snel in slaap.
de volgende ochtend is de wind gaan liggen, alsof er niets gebeurd is. onze tenen en onze voetzolen doen zeer, maar dat gaat over als we terug beginnen te wandelen. de vierde dag brengt ons naar de Grey gletsjer: een prachtige enorme hoop ijs (oftewel heeeeeeel veel ijsblokskes). voor we daar geraken hebben we volgens plan een achtal uur te gaan. de eerste vier uur leggen we af in een verhoogd tempo, om toch zeker op schema te zitten, want de laatste vier uur bevatten nog een felle klim én afdaling (wat minstens even vermoeiend is en zeker heel belastend is voor de knieen). de klim valt nog tamelijk mee. op de top zien we zelfs een condor boven ons cirkelen en bij de afdaling komt er zelfs een vlak naast ons gevlogen: zo´n groot en prachtig beest dat totaal geen moeite heeft om zich te navigeren met deze straffe winden. meer zelfs, het is ze zelfs meester.
de vier dagen beginnen echter te wegen en aan de laatste drie uur van de tocht lijkt geen einde te komen: onze knieen doen zeer, K´s "hips are broken", voetzolen tintelen en de stekken zijn murf. we slepen ons naar de eindbestemming en denken dat we nooit meer terug kunnen: we overwegen om de helicopter van CM assistence op te roepen om ons terug te brengen. maar als we er uiteindelijk aankomen is de beloning zo groot: een prachtige gletsjer doemt voor ons op als we naar het uitkijkpunt strompelen!

(mbt tot de pose op de foto: is combinatie van zelfontspanner en meer dan acht uur wandelen).
op de kamping steek in mijn pijnlijke voeten in het ijskoude gletjser water om ze te laten ontzwellen, zo lijkt het althans.
de laatste en vijfde dag beginnen we met moed in de schoenen. de gedachte aan de vorige dag doet ons huiveren aan de terugweg, maar buiten alle verwachtingen in lopen we die vlotjes in drie en een half uur: we waren echter over onze krachten gisteren blijkt nu wel.
blij en zeer voldaan komen we aan op het eindpunt. we hebben het gehaald: vijf dagen wandelen door dit prachtige gebergte!